De ontzaglijke waarde van voedsel

Een dagje sauna mag met gemak 80 euro kosten. Een pakje sigaretten tikt de 11 euro aan, een avondje in de kroeg kan niet onder de 50 euro, maar als een biologische bloemkool 50 cent duurder is dan de reguliere, is in vrijwel de hele westerse wereld het huis te klein.

door: Marieke Karssen, 5-11-2024

De waarde van voedsel

Voedzaam voedsel is, na schone lucht en schoon water, onze derde primaire levensbehoefte. Maar, hoe gaan we er als maatschappij en als individu eigenlijk mee om?

Als fatsoenlijk en ecologisch verantwoord geteeld eten een hogere kostprijs kent, zeggen we niet dat de allerarmsten geholpen moeten worden om gezond voedsel te kunnen kopen, zoals we dat wel met de zorgverzekering en huur doen. Nee, op de een of andere manier hebben we met z’n allen besloten dat al het voedsel door hen gekocht moet kunnen worden en dat dat dus de norm voor met name de groente en fruitprijs moet zijn. Of, anders gezegd, het lijkt wel of voedsel boven alles goedkoop moet zijn. En er wordt in de huidige economische systematiek vrijwel geen extra economische waarde aan ecologisch verantwoorde teeltwijzes, bestaansmogelijkheden voor de boer en de voedingswaarde van het eindproduct toegekend.

De prijsopbouw van voedsel

Laten we gewoon eens een paar producten qua prijsopbouw toelichten.

Een halve liter olijfolie

Een flesje olijfolie van een halve liter van rond de 7 euro vinden we vaak al best duur. Maar, om dat flesje te krijgen moet de eigenaar het land betalen, zijn bomen jaarlijks snoeien, ze meestal irrigeren en ze moeten nog best wel handmatig worden geoogst. Daarna moeten de olijven worden gewassen en geperst. Er moet een flesje worden gekocht, dat vaak minimaal 50 cent kost, er moet een etiket op van zeg een dubbeltje en er zit ook zeker nog minimaal 2x handel en transport tussen. De boer draagt het risico van ziekte, droogte, storm en de jaren zonder oogst. Dus, van die 7 euro is de marge voor de boer in de grote distributieketen voor dit type product gemakkelijk zo klein als 10%. Als je dat afzet tegen een zzp tarief van rond de 45 euro per uur dan is de verhouding best wel zoek. Als je dat afzet tegen de toptarieven of hogere salarissen dan is de verhouding helemaal zoek.

Een kilo tomaten

Tomaten zijn zeer geliefd. Ze zijn ook veel werk om te produceren. Je moet de plantjes koesteren in een kas, constant dieven en vertroetelen met mest en dan ontstaat er een waanzinnig overvloedige oogst. Op het moment dat die oogst er is, is dat ook zo bij heel veel andere boeren, dus dan is de tomaat, na al dat werk, vrijwel niks waard. Hou het op 3 euro de kilo consumentenprijs. Ga je zelf op de markt staan, dan is die voor jou, verkoop je aan een vorm van groothandel, restaurant of andere doorverkoop dan is je prijs al gauw de helft, maar je moeite om te verkopen wordt ook minder. Maar hoe dan ook, een tomaat kan eigenlijk voor dat bedrag nooit uit, want om die kilo te krijgen heb je die plant zeker 6x in je handen gehad, nog voor je zelfs maar over oogsten en afzet denkt. Je kunt je overvloed goed verwerken, maar dat is opnieuw werk.

Een kilo fruit

Pruimen, appels, kersen… je moet de bomen kopen, daarna soms snoeien, maar verder hoef je ze eigenlijk ‘alleen maar’ te oogsten. Zeker in voedselbossen. Maar ook die prijs kun je doorrekenen. Als ik raap/pluk, kan ik (wisselt per fruitsoort) gemiddeld 10-15 kilo per uur plukken (ene fruit is zwaarder dan het andere). Ook hier is de prijs in de overvloedperiode laag, en die hou ik in dit voorbeeld ook op 3 euro. Dat fruit moet ik vervolgens wassen, en sorteren, zeker een half uur. Ga ik ermee op een markt staan, dan mag ik, nog steeds voor die 15 kilo, zeker een half uur rekenen om dat te verkopen en een half uur voor opslag en vervoer dus dan is mijn 15 kilo pruimen 2,5 uur werk… laten we het afronden op 3. En dus heb ik 3×15=45, 15 euro per uur verdiend. Als ik tenminste al die 15 kilo in die ene actie verkoop en niets hoef weg te gooien.

Als ik pruimen, appels en tomaten die ik niet direct verkoop kan verjammen, versauzen en versappen dan komen er kosten bij: potjes, suiker, apparatuur, maar ook dan kom ik op niet veel meer uit dan rond de 15 euro per uur. En dan moet alles goed zijn gegaan.

Als ik te veel bomen heb om handmatig te oogsten heb ik dure apparatuur nodig om te oogsten en kan ik het al helemaal niet meer zelf verkopen, dus dan is mijn prijs zeker de helft en misschien minder dus dat scenario levert wel meer kilos op, maar ook meer kosten.

En. Die 15 euro die ik hier per uur uitreken is natuurlijk veel en veel te weinig. Want het is  een bruto ondernemerstarief. Waar, omdat je boer bent, ook de pacht, de huur, de machines, de zaden, de verzekeringen, je eigen verzekeringen, pensioen, noem maar op, je hele bedrijf moet hier van betaald worden.

De economische waarde heeft geen gezonde grondslag

Economisch gezien is de overvloedfase van een primair productiegewas dus de meest waarde-arme of waardeloze. Maar de schaarste dient zich in september als vanzelf aan. Dan zijn een kilo kersen zomaar een tientje waard, maar alleen met een zeer hoge fossiele brandstof-component in Nederland te leveren en qua voedingswaarde absoluut arm, want ze hebben ver gereisd en zijn dus altijd te vroeg geplukt. Je zou kunnen zeggen dat wij de natuurlijke wetmatigheden van een evenwichtig waardesysteem absoluut onvoldoende terug laten komen in ons economisch systeem. En daar is al het leven slachtoffer van.

Om toch nog boeren te houden hebben we het landbouwsysteem dus volgestopt met steeds ingewikkelder subsidies. Feitelijk is dat is geen oplossing, maar een lapmiddel voor het probleem. Het totaal aan lapmiddelen maakt dat boeren eigenlijk geen ondernemers meer zijn, maar vrij machteloze pionnen met meestal éen of twee bederfelijke producten per jaar en één afnemer in een verder keihard kapitalistisch systeem waar de marges steeds kleiner worden en ze bovendien veel te afhankelijk zijn geworden van toeleveranciers en banken.

Geen wonder dat de meeste boeren minder kijken naar kwaliteit dan naar kwantiteit. Zeker als de consument niet bereid is om voor de extra kwaliteit van bio of regeneratief te betalen.

Het is heel belangrijk om een goed huis te hebben. Maar als maatschappij hebben we het laten gebeuren dat het surplus aan vermogen in vastgoed en grond terecht is gekomen waardoor wonen een veel te groot aandeel in onze dagelijkse kosten heeft ingenomen. En, nog sterker, die idioot hoge grondprijs geldt ook voor landbouwgrond. Dus, dat maakt het -zeker voor jonge boeren- nog veel onmogelijker om een fatsoenlijk inkomen te verdienen. Nederlandse huishoudens geven rond de 15 a 17% van het inkomen uit aan voeding, en gemiddeld 35% aan huisvesting.

Het is heel belangrijk om goede gezondheidszorg te hebben. Maar als maatschappij hebben we het laten gebeuren dat ongeveer 50% van ons gezamenlijk belastinggeld wordt uitgegeven aan sociale zekerheid en zorg en net iets meer dan 1% gaat naar het ministerie van landbouw dat daarmee waarschijnlijk nauwelijks nog dit probleem adresseert.

Het is heel belangrijk dat we voor ons geestelijk welzijn zorgen. Er gaan miljoenen om in de psychiatrische, spirituele welzijn/zelf hulp sector. Maar ik durf te stellen dat het de ondergrond onder alles is dat we genoeg bewegen, gezond eten, schoon water drinken en schone lucht inademen.

Werkelijke waardes

Hoe komt het dat we als maatschappij de meest essentiële zaken voor ieder mens om in leven te blijven economisch zo laag waarderen en als het ware ‘vergeten’ in ons economische – en gezondheidssystemen?

Hoe komt het dat we als Nederlandse maatschappij belangrijk vinden om een landbouw die aantoonbaar lucht, water en bodem vervuilt en meestal een product levert waar we als mens vrij weinig behoefte aan hebben (vlees) en dat voor zeker 60% wordt geëxporteerd, in stand willen houden? En hoe komt het dat we steeds meer overtuigd raken dat we ons grondgebied moeten kunnen verdedigen, maar er tegelijkertijd als maatschappij niet naar streven om ons eigen voedsel ook zo gezond mogelijk zo lokaal mogelijk te produceren?

Natuurlijk weet ik de antwoorden wel: gevestigde belangen, vastgeroeste gewoontes, de onzichtbaarheid van deze grote problemen, krachtige lobby, platteland verdedigt zich tegen stadse fratsen, het kapitalistisch systeem, maar daaronder leeft ook een hele grote algemene blindheid voor het enorme en ook strategische belang van gezonde ecosystemen voor ons feitelijke voortbestaan. Een blindheid die ons als beschaving makkelijk fataal kan worden. Het is tenslotte al een aantal keren eerder gebeurd dat menselijke beschavingen te gronde zijn gegaan door uitputting van natuurlijke bronnen.

Iedere boer die werkt om gifvrij en bodemvoedend te produceren en lokaal zijn of haar voedsel te verkopen weet dat hij economisch gezien voor een keihard bestaan kiest van vaak minder dan 15 euro per uur en werkweken van minimaal 60 uur per week. Toch zien wij bij Voedsel uit het Bos steeds meer hoogopgeleide mensen die keuze wel maken! Omdat ze weten hoe werkelijk waardevol dit werk is. Of omdat ze nadenken over de toekomst van hun kinderen. Er zit een beloning in dit werk die je niet kan bevatten als je het niet zelf doet, want je weet dat je aan en met werkelijke waardes werkt en niet meer in kantoren achter computers in steeds onmenselijker steden aan en met onderwerpen die soms echt nergens over gaan.

Maar, er stoppen telkens ook veel boeren en lokale korte keten initiatieven. Omdat het echt niet uit kon. Omdat ze eraan onderdoor gingen. En omdat het zo ontzettend hard werken is met tegelijkertijd zo ontzettend veel risico’s terwijl de rest van de wereld eigenlijk alleen maar van je lijkt te vragen of het nog goedkoper kan.

Wat kun jij doen?

Daarom schrijf ik deze blog. Want natuurlijk spelen hier hele grote belangen, waar jij en ik te klein voor zijn. Maar, doe dan wat je kan doen. Het kost je geld, het kost je tijd, maar het is uiteindelijk simpel: begin het gewoon te vinden om meer te betalen voor op een natuurlijke manier geproduceerd voedsel. Vergelijk de prijs eens met jouw werk en jouw uurtarief en niet met de goedkoopste bloemkool, appel, of biertje. Want net als met te goedkope kleding: je weet al dat daar is uitgebuit. Een blikje tomatenpuree van 10 cent kan niet. Appels van 1,50 de kilo ook niet. En tel daarbij op dat ecologisch geproduceerd voedsel de weg andersom is ingeslagen: er wordt niet alleen gezonder voedsel voor ons gemaakt, deze landbouwmethodes bouwen ondertussen ook bodems en biodiversiteit op, in plaats van af. Dus, het is een beetje duurder, maar doet zo ontzaglijk veel meer.

Iedereen weet dat voeding en gezondheid samengaan, iedereen ziet ook steeds meer voeding gerelateerde gezondheidsproblemen ontstaan, Immunologen ontdekken steeds meer over de relatie microbioom en problemen als depressies, diabetes, auto-immuunziektes en kanker en toch… als je in de supermarkt staat lijkt het belangrijkste ineens dat je geen dief mag zijn van je eigen portemonnee. Ik ben zelf ook zo geprogrammeerd en weet hoe sterk dat programma in je kan zitten. En anders inkopen zal ook zeker niet in een keer lukken of 100% goed gaan. Maar, dit is wel iets dat iedereen kan doen: stapje voor stap nieuwe ‘voedselprogramma’s’ maken. Begin gewoon door naar die reguliere appel te kijken en te bedenken dat die in zijn of haar leven zeker 26x met fungicide is bespoten. En pak dan gewoon eens die andere appel.  Net iets kleiner, misschien met een deukje, net iets duurder, maar bio en ga later eens naar de biologische boerenkraam, of de boerderij of start je eigen moestuin en/of voedselbos en leer zelf hoe het groeit en wat je zelf kan verwerken. Je zult je gezonder voelen, en je weet dat jouw geld en aandacht naar jouw gezondheid, die van je kinderen en die van de planeet gaat en naar boeren die de bodems en ecosystemen opbouwen in ieder geval in leven gehouden. En, geloof me, die meerprijs is echt alles waard.

Foto’s gemaakt op Ferme la Geneste, de jonge boerderij van Marieke Karssn in Frankrijk.

Wil je meer leren over voedselbossen en een cursus volgen?

Bekijk het actuele cursus aanbod